E E N   N I E U W   B E G I N    De stamboom van de Neanderthalers begint, net als die van de mens, zo'n 7 miljoen jaar geleden toen de menselijke tak zich afsplitste van de chimpansee/bonobo tak. Chimpansees en bonoboís zijn de twee mensapen die het sterkst verwant zijn met de mens. Wij delen 99 % van onze DNA met deze primaten. Hoe de afsplitsing precies plaats vond en wanneer is tot op een heden niet bekend. De laatste jaren zijn er wel fossielen uit die periode gevonden, maar of deze tot de menselijke tak behoren of tot die van de chimpansees is niet duidelijk. We hebben het in dit geval over Sahelanthropus chadensis en Orrorin tugenensis.

Als we spreken van leden van de menselijke tak dan spreken we van hominiden. Om het ingewikkeld te maken zouden volgens de wetten van de cladistiek, de leer die gaat over het benoemen van plant- en diersoorten, chimpansees en bonoboís ook tot de hominiden moeten worden gerekend. Zij staan namelijk dichter bij de mens dan bij de overige mensapen. Gemakshalve rekenen wij hen hier tot de hominoiden, of mensachtigen.

S T A M V A D E R S   Sahelanthropus en Orrorin worden over het algemeen gerekend tot de hominiden. Zij leefden tussen 7 en 6 miljoen jaar geleden en zouden daarmee de stamvaders zijn van de hominiden familie. Omdat er slechts enkele fossielen van deze soort zijn gevonden is het moeilijk om hun plaats op de stamboom te bepalen. Duidelijk is wel dat zoín 6 miljoen jaar geleden er een nieuw geslacht ontstond: Ardipithecus.

In Ardipithecus zien we duidelijk tekenen die er op wijzen dat dit wezen de weg van de hominiden was ingeslagen. Veel karakteristieken die kenmerkend zijn voor de hominiden zien we hier voor het eerst. Waarschijnlijk liep Ardipithecus echter niet volledig op twee benen en zijn hersenen waren niet veel groter dan die van een chimpansee.

A U S T R A L O P I T H E K E N   Dit wordt al anders bij een geslacht dat zoín 4,5 miljoen jaar geleden verschijnt. Van de Australopitheken is bekend dat ze tweebenig waren. Dit is mede te danken aan een spectaculaire vondst die in 1976 werd gedaan in Tanzania. Daar vond de paleoantropoloog Andrew Hill een spoor van voetstappen die in vulkanische as versteend was. Het spoor liet duidelijk zien dat drie tweebenige wezens 3,5 miljoen jaar geleden daar gepasseerd waren, vlak nadat een vulkaan een laag as had neergelegd. De as versteende en de sporen bleven bewaard. Men vermoedt vandaag de dag dat de wezens behoorden tot de soort Australopithecus afarensis, waarvan veel fossielen zijn gevonden uit die periode.



Laetoli voetsporen

Twee Australopitheken lopen door de pas gevallen as van de uitbarstende Sadiman vulkaan in deze reconstructie van het Natuurhistorisch museum in New York. Het bijzondere aan dit plaatje is dat deze gebeurtenis echt heeft plaatsgevonden. De voetsporen die het tweetal maakten zijn namelijk versteend en, 3,6 miljoen nadat ze gemaakt werden, teruggevonden bij Laetoli in Tanzania. De vondst werd gedaan door Andrew Hill, hij vond de voetsporen naar verluidt nadat hij was weggedoken om een olifantenkeutel te ontwijken die door een collega naar zijn hoofd werd gegooid.

 

 

P A R A N T H O P E N   De Paranthropen zijn een geslacht dat zoín 3 miljoen jaar geleden verscheen en bekend staat om zijn robuuste uiterlijk. Zij waren waarschijnlijk een zijspoor in onze evolutie. Sommige wetenschappers rekenen de Paranthropen zelfs niet tot de hominiden familie. De Paranthopen hadden zich toegelegd op een dieet van noten en harde zaden en hadden gigantische kaken en kiezen om dit voedsel te kunnen malen. Karakteristiek voor deze wezens is een benen kam die over de schedel loopt. Hier zaten de aanhechtingen voor hun enorm krachtige kaakspieren.



Schedelkam

De grote benen kam die over de lengte van de schedel van deze Paranthropus aethiopicus loopt noemen we de schedelkam. Beweeg je muis over de foto om de kam uitgelicht te zien. Aan de kam zaten de aanhechtingen voor de enorme kaakspierren van deze soort. De moderne mens heeft geen schedelkam, onze schedel is nagenoeg glad van boven, maar gorilla's wel. Sommige onderzoekers zien dit als een aanwijzing dat de paranthropen nauwer verwant waren aan de gorilla dan aan de mens.

 

 

E E N   N I E U W   G E S L A C H T   Zoín 2,5 half miljoen jaar geleden verschijnt er een nieuw soort mens, eentje die de bossen Afrika achter zich heeft gelaten en die gebruik maakt van stenen werktuigen. Dit is het geslacht waartoe ook wij behoren: Homo. De scheiding tussen Australopithecus en Homo is natuurlijk vrij arbitrair. Het ene geslacht is waarschijnlijk in het andere opgegaan en er is daarom geen duidelijke grens aan te geven. Toch beschouwen we Homo habilis en de sterk aan hem verwante Homo rudolfensis als de eerste leden van ons eigen geslacht. Deze hominiden hadden waarschijnlijk een omnivoor dieet, dat wil zeggen dat ze zowel vlees als planten en vruchten aten. Mogelijk waren het aaseters, die door het gebruik van werktuigen bij het merg in de beenderen van verlaten karkassen konden komen. Een dieet wat rijk was aan proteÔne was nodig voor het ontwikkelen van het belangrijkste wapen van de mens: Zijn hersenen.

De ontwikkeling van grotere hersenen zette zich voort in Homo ergaster. Deze mens leefde zoín anderhalf miljoen jaar geleden. Ergaster was lang en rank, perfect toegesneden op het leven op de Afrikaanse savanne, en verder? Met zijn lange benen was deze hominide zeer mobiel. Voor het eerst zou onze familie de grenzen van Afrika bereiken en mogelijk was het Homo ergaster die zelfs verder ging en Afrika voor het eerst verliet.



Een nieuw dieet

Deze twee Homo ergasters worden verstoord bij het slachten van hun prooi. De vrouw probeert een aasgier weg te jagen door met een steen te gooien, de man heeft het karkas van zijn prooi opengesneden met een stenen werktuig in zijn hand. Naast de man ligt een stapeltje stenen die klaarblijkelijk voor dit doel zijn meegenomen. Deze mensen dachten vooruit en gebruikten werktuigen. De grotere hersenen nodig voor dit gedrag, verslinden veel energie. Bij de moderne mens zijn de relatief grote hersenen goed voor zo'n 30% van zijn totale energieverbruik. Vanaf Homo habilis worden de hersenen van de vroege mensen telkens een stuk groter, dat betekent dat deze mensen meer en meer energie verbruikten. Zij verkregen deze energie waarschijnlijk door meer en meer vlees en vet te eten.

 

 

O U T  O F  A F R I C A  1 miljoen jaar geleden hadden sommige menssoorten Afrika verlaten. Een soort die we Homo erectus noemen, leefde in AziŽ. Homo erectus begint al echt op een mens te lijken. Hij heeft relatief grote hersenen al zijn die maar net iets groter dan de helft van het gemiddelde van de moderne mens. Zijn armen, die in mensapen relatief lang zijn en gedurende de evolutie van de hominiden relatief gezien steeds korter werden, beginnen menselijke proporties aan te nemen. Zijn gezicht is platter, hij heeft niet meer een snuit zoals zijn voorouders. Homo erectus was een echte wereldverkenner, zijn uittocht werd waarschijnlijk ook mede mogelijk gemaakt door de ontdekkingen van vuur.

Recente vondsten in GeorgiŽ tonen aan dat daar een soort leefde die verwant is aan Homo erectus, die Homo georgicus wordt genoemd. Ook in Europa verschijnen mensen. In Spanje zijn de fossielen gevonden van Homo antecessor, een soort die volgens sommigen aan de wieg stond van, en volgens anderen Homo heidelbergensis is.

O N Z E   W E G E N   S C H E I D E N   Homo heidelbergensis wordt door veel wetenschappers gezien als de laatste gezamenlijke voorouder van de moderne mens, Homo sapiens, en de Neanderthaler, Homo neanderthalensis. Homo heidelbergensis, die voorheen ook wel archaÔsche Homo sapiens werd genoemd is genoemd naar de vindplaats van een van de eerste fossielen die van deze soort werd gevonden: De Mauer kaak, die nabij het Duitse Heidelberg werd ontdekt. Homo heidelbergensis komt niet alleen in Europa voor. Ook in Afrika zijn er fossielen van deze soort gevonden. Hoewel de moderne mens waarschijnlijk in Afrika is ontstaan, ontstonden de Neanderthalers waarschijnlijk uit de Europese heidelbergensis populatie.

De eerste Neanderthalers verschijnen zo'n 200.000 jaar geleden. Ze sterven zo'n 30.000 jaar geleden uit. Voor meer informatie over het einde van de Neanderthalers kijk je bij het Hoofdstuk: Het Einde.

 

Stamboom van de Hominiden

Het tekenen van een stamboom is een bijna onmogelijke klus. Sommige paleoantropologen weigeren dan ook pertinent om een stamboom op papier te zetten. Het probleem met het tekenen van een stamboom is dat het fossielenbestand verre van compleet is. Volgende week kan er een nieuw fossiel worden gevonden die de hele boel op z'n kop zet. Toch is het nuttig om eens in de zoveel tijd de stoute schoenen aan te trekken en een zogenaamde "educated guess" te doen.